Ga naar inhoud

Als je gevoelig bent voor afwijzing: dit is Rejection Sensitivity Dysphoria en zo ga je ermee om

persoon voelt zich afgewezen en slaat handen voor het hoofd
Beeld: Lekan Ridwan
leestijd 6 minuten
Uitgelegd 04 augustus 2026

Iemand reageert kortaf op je bericht en je voelt je maag omkeren. Voor sommigen kan een afwijzing – hoe klein die misschien ook is – aanvoelen als het einde van de wereld. Dit heet Rejection Sensitivity Dysphoria. Wat houdt het precies in en wat kun je doen als afwijzing voor jou ook hard aankomt?

Een mens krijgt in zijn leven heel wat negatieve opmerkingen naar zijn hoofd. Dat schrijft auteur, host van de podcast ADHD Chatter en ervaringsdeskundige Alex Partridge in Why does everybody hate me?, een boek over Rejection Sensitivity Dysphoria. RSD is een overgevoeligheid voor kritiek en afwijzing.

Partridge heeft ADHD en schrijft dat veel mensen met de aandachtsstoornis maar liefst 20.000 meer negatieve opmerkingen naar hun hoofd krijgen dan neurotypische mensen, al voordat ze twaalf jaar oud zijn. Deze opmerkingen gaan over henzelf, hoe hun hersenen werken of de manier waarop ze leven.

Als pas gediagnostiseerde ADHD’er herken ik me wel in die gevoeligheid voor afwijzing. Het kan ervoor zorgen dat ik ’s avonds opeens lig te malen over de toon van een appje van een vriendin – is ze boos op mij? Mijn innerlijke criticus draait overuren om welke afwijzing dan ook te signaleren.

Wat is Rejection Sensitivity Dysphoria?

Al is de term voor sommigen nieuw, in 2016 werd RSD al door psychiater William Dodson geïntroduceerd. Dodson was op zoek naar informatie over ADHD bij volwassenen. Hij stuitte op aantekeningen van professor Paul Wender, waarin die beschreef dat veel volwassenen met ADHD grote moeite hadden om afwijzing en kritiek te verwerken.

Omdat Dodson dit eerder niet had opgemerkt bij zijn eigen cliënten, besloot hij bij hen te peilen of ze deze gevoeligheid herkenden. Wat bleek: 99 procent herkende zich in de omschrijving van Wender, en vond Dodson dat hij iets met deze bevindingen moest doen.

Zo kwam de onderzoeker op de term Rejection Sensitivity Dysphoria. RSD is geen officiële diagnose – daarvoor is er nog te weinig over bekend – maar Dodson omschreef het als een extreme gevoeligheid voor kritiek, of alleen al het idee dat kritiek op de loer ligt.

De psychiater legt een link tussen RSD en ADHD vanwege de manier waarop mensen met ADHD hun emoties reguleren. En omdat emotieregulatie bij veel neurodiverse breinen anders werkt, is het aannemelijk dat RSD ook veel voorkomt bij mensen met bijvoorbeeld autisme, blijkt uit onderzoek dat onlangs is gepubliceerd in het academisch tijdschrift Neurodiversity.

Erbij horen is een menselijke behoefte

Als iemand die zelf autisme heeft, herkende ook postdoctoraal autisme-onderzoeker Alvin van Asselt zich in de term. Hij besloot onderzoek te doen naar RSD bij mensen met autisme.

Van Asselt vergelijkt de gevoeligheid voor afwijzing en kritiek met honger. ‘Wanneer iemand lang honger heeft gehad, wordt die persoon vaak gevoeliger voor alles wat met voedsel te maken heeft. Zo gaat het ook met afwijzing: erbij horen is een menselijke basisbehoefte. Word je vaak afgewezen, dan kan het brein gevoeliger worden voor afwijzing.’

Hoe herken je RSD?

Omdat mensen met autisme of ADHD vaker met afwijzing te maken krijgen, komt RSD bij hen dus frequenter voor. Toch kan iedereen last hebben van Rejection Sensitivity Dysphoria. Dat blijkt wel als je online door video’s en reacties scrolt. ‘Bijna iedereen herkent zich wel in de gevoeligheid voor afwijzing, omdat het online zo breed beschreven wordt’, aldus Van Assel.

Zo beschrijft Alex Partridge in zijn boek hoe mensen met RSD kunnen reageren als hun baas aangeeft een gesprek te willen. ‘Je voelt gewoon dat je ontslagen gaat worden. Dus slaap je het hele weekend niet, terwijl er uiteindelijk niks aan de hand is.’ Voor de meeste mensen is dit een spannende situatie, ook als je niet overgevoelig bent voor afwijzing.

Er is nog geen consensus over welke ervaringen precies onder RSD vallen, maar volgens Van Asselt zijn er wel een paar gedragskenmerken die mensen met RSD vaak vertonen, schrijft hij in een essay in Tijdschrift voor Psychiatrie. Dat zijn:

  • Jezelf terugtrekken uit sociale situaties
  • Piekeren en overanalyseren
  • Defensief reageren
  • Negatief over jezelf denken
  • Gedachten aan zelfbeschadiging

Zelf merkte de onderzoeker voor het eerst dat hij gevoelig is voor afwijzing op de middelbare school. Hij kon geen aansluiting vinden bij leeftijdsgenoten en de schoolleiding had vaak kritiek op hem. ‘Die gevoelens werden steeds heftiger en op een bepaald moment was ik alleen nog maar bezig nieuwe kritiek te vermijden.’

Nog steeds achtervolgt de angst voor afwijzing hem. In een blog voor A-typist – een platform voor en door volwassenen met autisme – schrijft Van Asselt dat hij alleen al bij de gedachte aan afwijzing van slag raakt. ‘Stress, schaamte, angst: ik voel het allemaal. Voor mij is RSD het enige aspect van autisme waar ik nog altijd niet mee kan omgaan.’

Hoe verzacht je de pijn?

Opbouwende kritiek krijgen op werk of bericht krijgen dat een vriend geen zin heeft om af te spreken: afwijzing is helaas voor niemand te vermijden. Maar er zijn wel een paar manieren om de pijn wat te verzachten.

Voor Van Asselt helpt het om in het moment dat hij zich afgewezen voelt de stressapp Stress Autism Mate erbij te pakken. De app, die ook nuttig kan zijn voor mensen die niet op het spectrum zitten, geeft inzicht in hoeveel stress je ervaart, en hoe je daarmee om kunt gaan.

Daarnaast helpt het als je omgeving rekening met je houdt. ‘Het is belangrijk om te erkennen dat gevoelens van RSD echt zijn. Neurodivergente mensen overdrijven niet; afwijzing en kritiek kunnen voor hen zo intens voelen dat het fysiek pijn doet’, legt Van Asselt uit.

Om op de lange termijn beter met kritiek en afwijzing om te leren gaan, raadt de ervaringsdeskundige therapie aan. Maar met iemand over praten die ook last heeft van RSD biedt voor hem de meeste steun. ‘Door je ervaringen te delen, voel je je minder vreemd. Dat werkt voor mij als een buffer tegen nieuwe afwijzingen.’

Toch zit er volgens Van Asselt ook een positieve kant aan RSD. ‘Veel mensen met RSD zien hun gevoeligheid als een teken dat zij rekening houden met andermans gevoelens. Bovendien benadrukt het dat veel mensen met RSD een groot rechtvaardigheidsgevoel hebben. Afgewezen worden kan natuurlijk ook erg oneerlijk zijn.’

De volgende keer dat ik lig te piekeren over een appje, weet ik dat ik niet alleen ben. En dat het eigenlijk heel menselijk is om bang te zijn voor afwijzing. Het is immers een oerbehoefte om erbij te horen en mijn brein probeert me gewoonweg voor het gevaar van de afwijzing te beschermen.

Dit vind je misschien ook interessant: Dit kun je doen om negatieve gevoelens los te laten

Meer lezen over dit thema?
De inhoud op deze pagina wordt momenteel geblokkeerd om jouw cookie-keuzes te respecteren. Klik hier om jouw cookie-voorkeuren aan te passen en de inhoud te bekijken.
Je kan jouw keuzes op elk moment wijzigen door onderaan de site op "Cookie-instellingen" te klikken."