Ga naar inhoud

De uitspraken van Jim van Os over de ggz zijn achterhaald, zegt deze bijzonder hoogleraar – in ieder geval gedeeltelijk

jim van os
leestijd 8 minuten
Actueel 09 september 2026

Psychotherapeut en bijzonder hoogleraar psychodiagnostiek Paul van der Heijden maakt zich zorgen over de impact van de waarschuwing voor de ggz van psychiater Jim van Os. Die waarschuwing is volgens hem onterecht, en kan de hoop van mensen die hulp nodig hebben wegnemen.

Ligt het boek Wat psychisch lijden is van hoogleraar psychiatrie Jim van Os nog in de winkel? ‘Nee’, zegt de verkoper. De eerste druk is al uitverkocht. ‘Het is wachten op de herdruk.’ Dat is geen verrassing, na alle spraakmakende media-optredens van een van de bekendste psychiaters van Nederland. Hij zette onder meer in een veelbesproken* laatste aflevering van Zomergasten zijn visie op ‘waanzin’ uiteen, en de manier waarop de samenleving daarmee om zou moeten gaan.

In februari riep Van Os in het gerenommeerde wetenschappelijke tijdschrift Nature al op om de DSM af te schaffen. ‘Het is tijd om af te zien van de bijbel voor psychiatrie’, schreef hij in een opiniestuk. Psychisch lijden ontstaat in een complex samenspel tussen iemands aanleg en wat hij meemaakt, en laat zich volgens hem niet vangen in hokjes. Labels zouden alleen maar afleiden van de vraag welke zorg iemand nodig heeft.

Lees ook: Deze psychiater wil de DSM afschaffen: 5 vragen aan Jim van Os

Kritiek op ggz

In zijn recent verschenen boek en de bijbehorende interviews gaat hij nog een stap verder, en uit hij nadrukkelijk kritiek op de reguliere geestelijke gezondheidszorg. Volgens Van Os kan professionele hulp soms meer kwaad dan goed doen en cliënten beschadigen. Mensen die psychisch lijden zouden vaak beter af zijn bij lotgenotengroepen, de buurtkerk, coaches, spirituele gemeenschappen en herstelacademies, zegt hij zelfs in een interview met NRC. Daar wordt iemands unieke verhaal en ervaring tenminste centraal gesteld, in tegenstelling tot bij de hulpverleners in de ggz, die zijn opgeleid om mensen te reduceren tot een label, met bijbehorende protocollen en medicatievoorschriften.

‘Waarheid als een koe Jim’, ‘prachtig verwoord je mijn onbehagen’, ‘dank voor je pleidooi!’ Voor veel lezers lijkt Van Os een waarheid te beschrijven die zij al kenden. Maar boze reacties zijn er ook. ‘Professionals in de ggz […]  kenschetsen als medici die een hokje aanvinken en een receptje voorschrijven is baarlijke nonsens’, brieste psychiater Iris Sommer bijvoorbeeld in een column voor Trouw. Van Os is zowel een ‘held’ als een ‘zonnegod’. 

De impact van de boodschap van Van Os

Zijn kritiek heeft ongetwijfeld veel mensen bereikt die op dit moment in behandeling zijn, of daarvoor in aanmerking komen. En dat zijn precies de mensen aan wie Paul van der Heijden denkt als hij Van Os’ waarschuwing voor de ggz leest.

Van der Heijden kent de ggz van binnen en buiten. Hij is klinisch psycholoog en psychotherapeut, leidt toekomstige psychotherapeuten op, en is bijzonder hoogleraar psychodiagnostiek aan de Radboud Universiteit. Bovendien schreef hij het boek Bij de psycholoog. Vind je weg in de psychologische hulpverlening. Psychologie Magazine vroeg hem hoe hij naar de discussie kijkt die is ontstaan sinds het verschijnen van het boek van Van Os.

Aan de telefoon begint hij direct over de impact die de boodschap van Van Os kan hebben op iemand die ontredderd is, op de wachtlijst staat om geholpen te worden, en zijn hoop heeft gevestigd op de geestelijke gezondheidszorg. ‘Die krijgt nu te horen dat hij er straks misschien nog wel slechter uitkomt dan hij erin ging.’ De hoop van een grote groep mensen zou in de grond kunnen worden geboord. Geen goede zaak, wat Van der Heijden betreft.

Het succes van therapie wordt ook bepaald door vertrouwen

‘Jim heeft het in het NRC-interview over het Dodo Bird Verdict [de theorie dat alle vormen van psychotherapie ongeveer even effectief zijn, onafhankelijk van de diagnose of de gebruikte techniek, red.], en dat de aanwezigheid van een ander mens de gemeenschappelijke werkzame factor daarin is. Maar het succes van therapie wordt naast de therapeutische relatie ook bepaald door het vertrouwen dat mensen hebben in het gemeenschappelijke verklaringsmodel dat aanknopingspunten biedt voor verandering, en de erkenning van de hulpverlener als deskundige professional.’ En dat vertrouwen kan door de boodschap van Van Os worden aangetast, bedoelt hij te zeggen.

Wat klopt er van de boodschap?

Van der Heijden wil zeker niet doen alsof Van Os alleen maar onzin verkondigd. Zo klopt het bijvoorbeeld dat de DSM beperkingen heeft, zegt hij. ‘Maar hulpverleners weten dat inmiddels allang. Die beperkingen worden ook tijdens hun opleiding besproken.’

En het is ook waar dat labels een tijd lang ‘meer ruimte hebben ingenomen dan ze verdienen’, waardoor er ‘misschien niet genoeg oog was voor de context waarbinnen klachten konden ontstaan.’ Maar daar wordt volgens hem inmiddels voor gecorrigeerd. ‘Vroeger werden er interviews gehouden om heel nauwkeurig DSM-classificaties uit te vragen. Maar tegenwoordig krijg je tijdens de intake bij de ggz een interview met een focus op jouw unieke eigenschappen en relevante contextuele factoren die bijdragen aan het ontstaan en voortbestaan van psychische problemen.’

In psychotherapie kijk je samen naar hoe patronen zijn ontstaan

Een van de stokpaardjes van Van Os is dat je in de ggz geen eigen perspectief op je psychisch lijden zou ontwikkelen. Maar dat is volgens Van der Heijden pertinent onjuist. Zeker in psychotherapie is het tegenovergestelde het geval, zegt hij. ‘Daarin ga je samen kijken naar hoe iemands klachten verband houden met levensgebeurtenissen, en hoe patronen zijn ontstaan die aan psychisch lijden ten grondslag liggen. Veel mensen die in therapie komen, hebben geen of onvoldoende zicht op hun eigen ervaring. De kern van psychotherapie is om die blik juist te ontwikkelen.’

Gaat het ook weleens mis in de ggz?

Worden sommige mensen beschadigd in de ggz? Ja, beaamt hij. Dat gebeurt. Van der Heijden vertelt dat hij met therapeuten in opleiding casussen bespreekt waarin het is misgegaan, zoals een vrouw die stemmen hoorde, van loket naar loket werd gestuurd, en telkens een andere verklaring voor haar klachten hoorde. ‘Dat is heel beschadigend.’

Als je in therapie gaat, ben je kwetsbaar, zegt hij. ‘Maar je bent niet minder kwetsbaar dan als je bij een spiritueel genezer terechtkomt die zegt dat je in eerder leven was misbruikt, of bij iemand op internet die tegen je zegt: ‘Ik voel gewoon dat jij ook ADHD hebt.’

Dat het binnen de ggz weleens misgaat, wil niet zeggen dat het daarbuiten beter is, zegt hij. Integendeel. ‘Binnen de ggz is er supervisie, intervisie [groepsoverleg over cliënten met zorgprofessionals die verschillende opleidingsachtergronden hebben, red.], psychotherapeuten worden in 50 uur leertherapie doorgehakt over hun motieven om dit vak uit te oefenen, en ze zijn BIG-geregistreerd, wat betekent dat je als cliënt beter wordt beschermd. Als iemand zijn werk niet goed doet, kan hij bijvoorbeeld worden aangeklaagd, en een waarschuwing krijgen of zelfs uit het BIG-register worden geschrapt.’ Bovendien: ‘In de ggz weten we wat we niet weten. Dat is al heel wat.’

Waarom nuance in het debat nodig is

Van der Heijden zou graag wat meer nuance zien in het debat over de geestelijke gezondheidszorg. Over labels is er bijvoorbeeld binnen de wetenschap inmiddels consensus dat die zowel voor- als nadelen hebben: het mixed blessings-model.

Labels kunnen inderdaad het effect hebben dat mensen zich ermee identificeren en zich daardoor passiever opstellen, zoals Van Os stelt. ‘Maar het levert mensen ook erkenning op, een communicatiemiddel naar de buitenwereld, en soms ook toegang tot de best passende hulp.’

Ook kan het inderdaad ‘hartstikke nuttig’ zijn om bij psychische klachten hulpbronnen buiten de gzz aan te boren, zoals Van Os aanraadt, en je bijvoorbeeld aan te sluiten bij een kerk, een wandelgroep of een lotgenotengroep. ‘Ik denk dat er binnen de ggz lange tijd arrogantie is geweest dat het andere minder goed zou zijn, maar die tijd is voorbij.’

Tegelijkertijd is het wat Van der Heijden betreft onverstandig om de waarde van de ggz te miskennen, waar veel psychisch ontregelde mensen hun klachten hebben zien verbeteren. ‘Als iemand langdurig somber is, zijn werk en sociale leven daaronder lijdt, en hij al van alles zelf heeft geprobeerd, dan zou ik zeggen dat hij er wel degelijk goed aan doet om zich via de huisarts tot de ggz te wenden.’

Lees ook: Dr. Alfiee: ‘Mentale hulp werkt niet universeel, het moet aansluiten bij je belevingswereld’

* Er ontstond ophef naar aanleiding van de betrokkenheid van Jim van Os bij de euthanasie-zaak van de 17-jarige Milou Verhoof, en zijn uitspraken daarover in Zomergasten. Van Os ondertekende een brief aan het Openbaar Ministerie waarin werd opgeroepen onderzoek te doen naar haar euthanasie. Tijdens zijn Zomergasten-gesprek zei hij dat hij daarvoor zijn excuses aan haar ouders had aangeboden. Bij Eva Jinek weersprak haar moeder dat: niet gebeurd.

Meer lezen over dit thema?
De inhoud op deze pagina wordt momenteel geblokkeerd om jouw cookie-keuzes te respecteren. Klik hier om jouw cookie-voorkeuren aan te passen en de inhoud te bekijken.
Je kan jouw keuzes op elk moment wijzigen door onderaan de site op "Cookie-instellingen" te klikken."