Ga naar inhoud

Ben je een pleaser? Doe de test

ben-ik-een-pleaser
Illustraties: Ángel Hernández
leestijd 4 minuten
Zelf aan de slag 12 februari 2026

Het is niet eenvoudig om de balans te bewaren tussen voor jezelf opkomen en over anderen heen walsen, schrijft psycholoog Saskia de Bel in haar boek De perfecte pleaser, waarin ze handvatten geeft om te stoppen met pleasegedrag. Doe de test en ontdek of je een pleaser, een bulldozer of een van de andere types bent.

Hou voor jezelf de uitspraken bij waarin jij jezelf herkent, of die op jou van toepassing kunnen zijn.

Ben ik een pleaser?

  • A. Ik kan heel lang sudderen op iets en dan ineens om iets onbenulligs ontploffen.
  • B. Als ik vind dat een vriend onzin verkoopt, dan zeg ik daar iets over.
  • A. Als een vriendin vraagt hoe ik haar nieuwe jas vind, zeg ik ‘super’, ook al staat die jas haar totaal niet.
  • B. Ik breek een gesprek waar ik genoeg van heb makkelijk af.
  • B. Ik heb geen moeite om me uit te spreken als ik het ergens mee oneens ben of een andere mening heb.
  • B. Ook tegen mijn baas (of belangrijke klant) zeg ik het als ik geïrriteerd ben over iets wat hij/zij heeft gedaan.
  • A. Ik laat het goed merken als ik gesteld ben op iemand.
  • B. Ik erger me als collega’s hun best niet doen, dus daar zeg ik dan iets over tegen hen.
  • A. Ik vind het belangrijk om te zorgen dat de sfeer goed is.
  • B. Als een vriend in gezelschap over mij zeurt, reageer ik daar direct op.
  • A. Ik kan dagen lopen piekeren over een kritische opmerking van een vriend of familielid.
  • B. Als mijn vriend(in) heeft gekookt en ik vind het niet zo lekker, dan zeg ik dat.
  • A. Ik kan het bij vrienden en familie best aangeven als iets me dwarszit, ook als ik weet dat ze dat niet leuk vinden.
  • B. Ik onderhandel regelmatig met mijn partner over vervelende klussen in en om het huis.
  • A. De stemming van andere mensen heeft invloed op hoe ik mij voel.
  • B. Ik ben niet zo van alles bespreken met anderen, ik wil door met mijn eigen dingen.
  • A. Ik hoor mezelf regelmatig zeggen: ‘O, maakt niet uit hoor’, terwijl ik er wel degelijk last van heb.
  • B. Ik kan prima discussiëren met collega’s of vrienden.
  • A. Ik vraag mijn partner vaak om diens mening.
  • B. Ik kan goed nee zeggen.
  • A. Als een vriend(in) of collega iets aardigs voor mij wil doen, zeg ik vaak iets als: ‘Laat maar joh, dat hoeft niet hoor’.
  • B. Als een vriend(in) mij uitnodigt en ik heb al andere plannen, dan zeg ik dat gewoon.
  • A. Ik voel me ongemakkelijk als iedereen de aandacht ineens op mij richt.
  • B. Als een vriend of familielid geld heeft geleend en dat niet terugbetaalt, zeg ik dat ik het terug wil hebben.
  • A. Ik kan wel door de grond zakken als ik in het bijzijn van anderen klunzig doe of iets onhandigs zeg.
  • B. Als er in een vergadering een besluit wordt genomen waar ik het niet mee eens ben, dan ga ik ertegenin.
  • A. Ik heb moeite met ruzie hebben met mensen die dicht bij mij staan.
  • A. Als een vriend(in) moeilijk kijkt, vraag ik haar/hem wat er is.
  • B. Ik vraag om uitleg als een collega iets vertelt wat ik niet kan volgen.
  • A. Ik voel goed aan hoe anderen zich voelen.
  • B. Als ik merk dat iets wat ik in de uitverkoop heb gekocht niet goed is, ga ik terug om hierover te klagen (ook al weet ik dat je producten uit de uitverkoop niet kunt terugbrengen).
  • A. Ik worstel enorm als ik een keuze moet maken en stel dat vaak uit.
  • B. Als mijn buurman regelmatig herrie maakt, dan spreek ik hem daarop aan.
  • A. Het invullen van de gedachten van de ander is mijn tweede natuur.
  • B. Als de zoveelste goede-doelencollectant voor de deur staat, kan ik moeilijk weigeren, ook al steun ik al acht goede doelen. (–)
  • A. Ik voel me snel bekeken.
  • A. Ik klaag vaak tegen mijn partner over de scheve verdeling van de huishoudelijke taken, maar er verandert helemaal niks.
  • B. Als iemand in de bioscoop tegen mijn stoel schopt, vreet ik me op en ga zitten draaien of kuchen. (–)

Klaar?

  1. Tel nu hoe vaak je A hebt geantwoord. A =
  2. Doe daarna hetzelfde voor de B, en trek een punt af voor elke aangekruiste uitspraak waar tussen haakjes een minteken achter staat. B =
  3. Bekijk nu onderstaand kwadrant en zie welk type je bent. De uitleg per type lees je onder het kwadrant. Hoe dichter je totaalscore in het midden ligt, hoe meer je een evenwichtskunstenaar kan worden genoemd.

Welke type ben jij?

De pleaser

Koste wat het kost wil een pleaser het anderen naar de zin maken. Daarom stelt hij zich heel dienstbaar op en doet zelden moeilijk over de route die wordt gereden, de menukeuze of de vakantiebestemming. De perfecte pleaser heeft een u-vraagt-wij-draaien-houding, en staat altijd klaar om de ander op z’n wenken te bedienen. Omdat hij zich zo vaak heeft aangepast, weet hij niet meer goed wat hij zelf wil.

Dat het de pleaser niet uitmaakt wat er wordt gekozen, lijkt makkelijk voor anderen. Maar het is maar hoe je het bekijkt. Introverte pleasers zijn bijvoorbeeld zo geremd dat ze weinig initiatief nemen, situaties uit de weg gaan, lang wachten met reageren, en zich op de vlakte houden als het om iets belangrijks gaat.

Aan de ene kant vinden pleasers het prettig om minder zichtbaar te zijn, aan de andere kant kunnen ze er last van hebben als er geen rekening met ze wordt gehouden.

Pleasers hebben behoefte aan erkenning en waardering, en hechten belang aan harmonie en verbondenheid. Ze vinden het belangrijk om begrepen te worden, maar dat gebeurt voor hun gevoel te weinig. In de hoop dat anderen zien hoeveel ze doen, worden ze regelmatig teleurgesteld.

Ze stellen te weinig grenzen, voelen zich erg verantwoordelijk en hebben daardoor een chronisch verstoorde werk-privébalans.

Lees ook: Problematisch pleasegedrag: hieraan herken je fawning

De klager

De klager vermijdt net als de pleaser conflicten en heeft net zoveel behoefte aan erkenning en waardering. Hij probeert het alleen op een andere manier te krijgen: door de aandacht op een negatieve manier op zich te vestigen. Samen klagen kan een gevoel van saamhorigheid geven en het lucht bovendien op. Iedereen heeft de neiging tot klagen in zich, maar de klager is meer daartoe geneigd dan anderen; het is een automatisme geworden.

Net als de pleaser heeft de klager de neiging om voor anderen in te vullen wat zij denken en willen. Het verschil is dat de klager de oorzaak van narigheid meestal buiten zichzelf legt. Hij voelt zich vaak slachtoffer van de situatie, of zelfs van het leven, en heeft daardoor veel last van stress. Hij zal bij voorkeur achteraf klagen, want anders draag je medeverantwoordelijkheid en dat vindt de klager lastig.

Een klager kan zich sociaal en gezellig gedragen, maar kijkt op een andere manier naar situaties dan een pleaser. Een klager vertelt eerder wat er niet goed gaat, dan zijn zegeningen te tellen. Andere mensen kunnen hem lastig in de omgang vinden. Daardoor gaan ze een klager dikwijls uit de weg, wat hem weer een negatief gevoel bezorgt. Zo belandt hij in een vicieuze cirkel. 

De bulldozer

Waar de pleaser een slavendrijver is voor zichzelf, is de bulldozer dat voor zichzelf én anderen. De bulldozer kenmerkt zich door weinig zelfbewustzijn. Hij ziet zichzelf als iemand die duidelijk is, maar kan door anderen als bot worden ervaren. Het is moeilijk om tegen de bulldozer in te gaan, want die gaat daar weer overheen en heeft weinig last van sociaal ongemak.

De bulldozer ergert zich snel en is ongeremd, soms impulsief en dominant, maar kan ook heel charmant en innemend zijn. Hij heeft vooral een heel sterke focus. Als er iets moet gebeuren, legt hij een hoge druk op zichzelf. Er zijn geen grenzen, en zeker niet bij zichzelf. Althans, de grenzen worden niet gevoeld.

Geduld hebben met anderen vindt de bulldozer lastig, want hij wil door, door, door. Hij ziet alles als een taak die moet worden opgelost. Daardoor is hij minder bezig met de ander en met mogelijke samenwerking en verbinding. Als anderen hem ergens op aanspreken, kan hij reageren met: ‘Dan moet je me maar vertellen wat ik moet doen’, of: ‘Dan laat je het gewoon liggen, maak je niet zo druk.’

De bulldozer heeft overigens een klein hartje. Hij heeft bevestiging nodig van anderen. Niet vanwege een te laag zelfbeeld of gebrek aan zelfvertrouwen, maar vanwege zijn ego.

De solist

De solist gedijt goed bij rust en zijn eigen ding doen, en kan zich uitstekend alleen vermaken. Graag zelfs. Hoewel de meeste mensen een sterk verlangen hebben om bij hun partner, gezin, familie of vrienden te zijn, is dat voor een solist anders. Hij heeft wel de behoefte om bij iemand te horen, maar hoeft niet de hele tijd bij diegene te zijn. Ook is een solist geen enorme prater, je moet de woorden er soms uit trekken.

Een solist houdt zich niet zo bezig met wat anderen vinden, voelen en denken, en gaat bij voorkeur zijn eigen gang. Daardoor heeft hij ook geen goed beeld van wat de ander wil en voelt, en kan hij stug overkomen. Bij conflicten en onvrede reageert hij vermijdend, of haalt zijn schouders op en hoopt dat het overwaait.

Hij kan er last van hebben dat hij weinig assertief is. Als er te veel een beroep op hem wordt gedaan, kan hij zich terugtrekken. Door zijn vermijdingsdrang heeft de solist weinig training in sociale vaardigheden gehad. Vanuit een rationeel oogpunt lukt het wel een stap naar een ander te zetten en te bedénken wat een ander voelt of nodig heeft, maar het aanvoelen is lastig. Het uitdiepen van een relatie is daarom moeilijk. 

De evenwichtskunstenaar

Valt je score op het snijpunt van de vier vlakken, dan ben je een evenwichtskunstenaar. Het ideale type, want hij kan goed voor zichzelf én goed voor de ander zorgen. Hij bewandelt de gulden middenweg, kan soepel meebewegen en is respectvol in sociale interacties.

Hij neemt ruimte voor zichzelf in en kan tegelijkertijd ook ruimte aan anderen geven, stelt grenzen en past zich aan op de situatie of de omstandigheden.

Natuurlijk kan de evenwichtskunstenaar ook weleens uit balans raken, maar dan is hij goed in staat het evenwicht te herstellen door bijvoorbeeld even gas terug te nemen of door een goed gesprek met iemand te voeren.

Lees ook: Erbij horen zonder jezelf te verliezen: 4 pijlers voor een authentiek leven in verbinding

Deze test is afkomstig uit De perfecte pleaser van Saskia de Bel, Boom (2025)

Meer lezen over dit thema?
De inhoud op deze pagina wordt momenteel geblokkeerd om jouw cookie-keuzes te respecteren. Klik hier om jouw cookie-voorkeuren aan te passen en de inhoud te bekijken.
Je kan jouw keuzes op elk moment wijzigen door onderaan de site op "Cookie-instellingen" te klikken."