Jean-Pierre van de Ven: ‘Wat ben je voor therapeut? We zijn al vier gesprekken verder en hebben nog steeds ruzie’
Relatietherapeut Jean-Pierre van de Ven geeft elke maand een inkijkje in zijn praktijk.
Cliënten zeggen vaak dankjewel. Soms tijdens een sessie, vaak meteen daarna. Als de hele relatietherapie wel zo’n beetje klaar is bedanken ze me natuurlijk ook weer, waarna ik zeg dat ze zichzelf moeten bedanken: ten slotte hebben zij het werk gedaan, terwijl ik maar een beetje zat te kletsen op mijn praatstoel.
Toch is het fijn als cliënten me bedanken en nog fijner is het als ze het leven – en elkaar – weer aankunnen. Soms krijg ik een cadeautje: een fles wijn, bloemen. Of ik krijg na een poosje een kaartje in de bus: er is een kind geboren, of een trouwerij gepland. Amen.
Dit alles gebeurt niet met Andrea en Inge. Zij vechten met elkaar en met mij van sessie één tot en met het dichtslaan van de deur aan het einde van sessie zes. Andrea beklaagt zich over Inge: ‘Je wilt al jaren geen seks meer, maar je wil ook niet naar een dokter gaan voor hormonen. Geef toe dat je in de overgang zit!’
‘Overgang? Hoe kan ik vrijen met iemand die me nooit steunt, zoals toen mijn vader overleed vorig jaar?’
‘Je sloot je op in je studeerkamer! Je wilde helemaal niet praten!’
‘Dat kwam doordat jij ruzie maakte met mijn moeder.’
‘Jullie beschadigen elkaar zonder een stap verder te komen’
Enzovoort en zo verder. Zo’n ‘gesprek’ staat in de emotiegerichte relatietherapie bekend als een polka: de een dringt aan terwijl de ander terugdeinst en daarna zijn de rollen omgedraaid. Het leidt nergens toe en dus onderbreek ik het: ‘Alsjeblieft, hou op. Jullie beschadigen elkaar zonder een stap verder te komen.’
‘Ja, inderdaad,’ zegt Andrea. ‘Wat ben je eigenlijk voor therapeut? We zijn al vier gesprekken verder en we hebben nog steeds ruzie.’
Andrea ijsbeert vaak door de kamer tijdens de gesprekken. Inge schudt dan van nee met een schuine blik op mij, in een poging me in haar kamp te lokken. Daar wordt Andrea dan weer boos om: ‘Ik zie het wel! Jullie spelen onder een hoedje.’ Halverwege het laatste gesprek pakt Andrea plotseling haar tas en jas en rent ze met slaande deur de gang op. Inge laat haar gaan. Een week later mailt Inge me dat ze geen nieuwe afspraak willen maken. Ik krijg geen bedankje, geen bloemen en geen kaart.
Fast forward naar vorige week. Op een boekpresentatie staat Andrea ineens voor mijn neus. Het duurt even voordat ik haar herken na al die jaren en dan doe ik alsof ik in elkaar krimp van schrik. Ze schiet in de lach.
‘Doe maar rustig hoor. Het gaat goed met me. Ik mediteer nu tegen de ADHD. Dat werkt veel beter dan Ritalin.’
‘En Inge?’ durf ik nauwelijks te vragen.
‘Dat is nu mijn bestie! We zijn je zó dankbaar. Door de sessies bij jou begrepen we dat we niet als stel verder konden. Maar we wilden elkaar niet kwijt en nu doen we alles samen, behalve dat ene.’
Amen.
Lees ook: Hoe goed ken je jezelf op liefdesgebied? De zes kleuren van liefde