‘Niet spelen met eten!’
Kinderartsen en diëtisten testten het bij kinderen tussen de 4 en 12 jaar met kritisch eetgedrag, die soms kampen met onder- of overgewicht. Na een consult kregen ze een spelletjesdoos mee.
Wat konden ze thuis met die doos doen?
Diëtist Leonie van der Kruk: ‘Ze maakten verschillende groentegerechtjes met hun ouders: tomatensoep, brownie met zwarte bonen. Op elke receptkaart staat een ander spelletje, zoals mini-ganzenbord of bingo.
Door het spelelement worden kinderen uitgedaagd om te proeven. Gooi je met de dobbelsteen 3, dan mag je drie hapjes nemen. Of: zoek de verschillen en neem evenveel hapjes.’
Werken zulke groentespelletjes?
‘78% van de kinderen heeft door de spelletjes nieuwe smaken geproefd. En driekwart van de kinderen vond het leuk om de recepten zelf te maken. Ze vinden het leuk om iets te eten wat ze zelf hebben klaargemaakt. Ook willen ze graag winnen, en daardoor komen ze eerder in de verleiding om te proeven.
Door de spelletjes wordt groente eten een positief moment met de ouders in plaats van een strijd. Een kind komt zo sneller aan de tien à vijftien keer proeven die nodig zijn om onbekende smaken te gaan waarderen.’