Ga naar inhoud

We hebben het steeds vaker over neurodiversiteit, maar wat vinden we van die term?

neurodiversiteit-term
Beeld: Nathaniel S Smiley
leestijd 3 minuten
Kort 10 januari 2026

Ieder brein werkt anders. Om te benadrukken dat het ‘standaardbrein’ niet bestaat, hebben we het steeds vaker over neurodiversiteit. Maar wat vinden mensen met een neurodivergent brein van die term?

Naar schatting heeft één op de vijf mensen een neurodivergent brein. Dat wil zeggen: een brein waarbij de prikkelverwerking anders verloopt dan bij mensen met een neurotypisch brein. Ze hebben bijvoorbeeld ADHD, zijn dyslectisch of bevinden zich ergens op het autistisch spectrum.

Maar om niet meer in ‘labels’ of ‘hokjes’ te denken, hebben we het steeds vaker over neurodiversiteit. Een meer menselijke benadering, zeggen deskundigen, waarbij niet wordt gefocust op tekortkomingen, maar op de verschillen tussen mensen. En dat is belangrijk, want we hebben die verschillende breintypen allemaal nodig, zegt neurodiversiteit-expert Saskia Schepers eerder in Psychologie Magazine.

Dekt ‘neurodivergent’ de lading?

Maar ook aan deze term kleven voor- en nadelen, blijkt uit Brits onderzoek. In het onderzoek werden 901 volwassenen met een neurodivergent brein gevraagd naar hun mening over de termen ‘neurodivergent’ en ‘neurodiversiteit’.

Op een enkeling na waren alle ondervraagden bekend met de terminologie en bijna driekwart gaf aan het te gebruiken om zichzelf te omschrijven. Toch bleken er gemengde gevoelens te zijn over de termen en wat ze betekenen.

Enerzijds zien veel mensen de parapluterm als een ‘handige afkorting’ die hen helpt om zichzelf te identificeren. Een van de antwoorden het onderzoek luidde: ‘’Neurodivers’ voelt inclusief en kan van toepassing zijn op allerlei diagnoses, waardoor het niet klinkt alsof je een hele lijst met ‘problemen’ hebt.’ De term is neutraal en draagt bij aan het verminderen van het stigma op labels, gaven ondervraagden aan. Bovendien brengt het mensen met allerlei vormen van neurodiversiteit samen, en dat werkt verbindend.

‘Zeggen dat ik autistisch ben, is krachtiger, sterker en mensen weten wat het betekent’

Anderzijds vonden sommigen de term juist ‘zo breed dat hij nutteloos is’. De term is te veelomvattend, mist details, generaliseert en is daarom betekenisloos en nutteloos, gaven ondervraagden aan. Ze gebruiken liever labels die meer over hen en hun behoeften zeggen, en niet de indruk wekken dat ze hun identiteit willen verbergen. ‘Ik zeg liever dat ik autistisch ben. Het is krachtiger, sterker en mensen weten wat het betekent’, aldus een van de ondervraagden.

Bovendien is het voor veel mensen onduidelijk wat precies onder de parapluterm valt. En dat kan de term vaag maken.

Ook interessant: ‘Mensen zijn veel te ingewikkeld om in psychische labels te vatten’

Advies van de onderzoekers

Waar de één een parapluterm als prettig ervaart, gebruikt de ander toch liever een duidelijk label. En dat is oké, zeggen de onderzoekers. Volgens hen is het belangrijk om ieder individu aan te spreken zoals die aangesproken wil worden.

Spiegel de woorden die mensen met een neurodivers brein gebruiken om zichzelf te omschrijven, schrijven de onderzoekers. En niet onbelangrijk: lees je in en weet waar je het over hebt als je de terminologie gebruikt.

Lees ook: De ene ADHD’er is de andere niet: variatie in symptomen van ADHD

Meer lezen over dit thema?
De inhoud op deze pagina wordt momenteel geblokkeerd om jouw cookie-keuzes te respecteren. Klik hier om jouw cookie-voorkeuren aan te passen en de inhoud te bekijken.
Je kan jouw keuzes op elk moment wijzigen door onderaan de site op "Cookie-instellingen" te klikken."