Anaïs van Ertvelde: ‘Deze wat schimmige online therapeut hielp me wél bij mijn burn-out’
Anaïs van Ertvelde is een Vlaamse schrijver, historicus, podcastmaker en columnist, en vertelt in elk nummer over haar leven.
‘Pas maar op. Straks moet ik je redden uit een sekte.’ Mijn lief is me aan het plagen, dat weet ik wel. ‘Voor je het beseft, draag je wapperende linnen gewaden’, gekscheert hij, ‘en drink je rauwe melk vol dubieuze gezondheidsclaims.’ Tegelijk meent hij wat hij zegt een beetje. ‘Word je de gewillige dienstmaagd van De Messias?’
Ah, daar zullen we het hebben, denk ik. De Messias. Hij kan het niet laten om te lachen met De Messias. Elke keer als ik mij op mijn aftands yogamatje installeer, een kop brandnetelthee en mijn laptop bij de hand, volgen er mopjes.
Nu noemt die beste man op mijn laptop zichzelf helemaal geen messias. Hij leidt gewoon een online platform voor lichaamstherapie waarop ik al eens een cursus meepik. Als hij wist dat mijn lief lacht met de hoeveelheid vrouwelijke cursisten die aan zijn lessen deelnemen, was hij vast verontwaardigd.
‘Vrouwen zijn nu eenmaal oververtegenwoordigd in alle therapeutische ruimtes’, verdedig ik de leraar soms. Even vaak lach ik met mijn lief mee. Want het is waar dat zowat alle schermpjes op de Zoom-bijeenkomst gevuld worden met vrouwengezichten tussen de 25 en 45 jaar, en dat velen van hen wel erg bewonderend naar de leraar loeren terwijl hij een volgende bewegingsoefening uitlegt.
‘Je mag niet denken aan waarover je boos bent’, vertelt de leraar me
‘Je mag niet denken aan waarover je boos bent’, vertelt de leraar me. En ik lig op mijn yogamatje en doe mijn uiterste best om niet te denken. ‘Je moet in je lijf voelen waar de boosheid huist. Waar zit de spanning, het kloppen, het branderige gevoel?’
En ik, die elk probleem wil aanpakken door het helemaal kapot te analyseren, slaag erin om in mijn lijf te voelen waar de emotie zit. Mijn keel dichtgesnoerd, mijn kaken verkrampt, omdat ze willen krijsen, bijten, en dat niet mogen. ‘Prachtig!’ zegt de leraar alsof hij weet dat het me gelukt is.
Het helpt niet dat de man er zo sekteleiderachtig uitziet. Met die witte doek om zijn lange haren geknoopt, met de markeringen – stipjes, golfjes, streepjes – op zijn aangezicht. Maar hij is de enige die me echt geholpen heeft.
Toen ik vijf jaar geleden een burn-out kreeg, en in de nasleep daarvan een onbedwingbare slapeloosheid, was er geen academisch slaapcentrum, geen gepromoveerde psycholoog die me ook maar een stap verder kreeg. Alleen deze online therapeut met een schimmig diploma.
Ik word er zelf soms ongemakkelijk van. Omdat ik altijd een wetenschappelijk ingesteld persoon ben geweest. Omdat ik vind dat we grote problemen als een burn-outepidemie niet moeten oplossen met individuele maar met maatschappelijke actie. Niet met navelstaarderij maar met woede.
‘Waarom mag de boosheid je niet in beweging brengen?’ De donkere ogen van de leraar doorboren me van op het schermpje. ‘Waarom probeer je ze daar vast te houden, waar je alleen jezelf er pijn mee doet? Beweeg de woede! Beweeg ze!’ Ik slaak een luide kreet en boks in de lucht. Mijn lief kan ermee lachen, maar hij apprecieert even goed dat ik die nacht, voor het eerst in lange tijd, heerlijk zal slapen.
Lees ook: Over de opkomst van lichaamsgerichte therapie: van praten naar voelen